Naar de inhoud

Zelfvoorziening

Eigen energie zo veel mogelijk gebruiken: PV-overschot opslaan en weer ontladen om het verbruik te dekken, met de netuitwisseling dicht bij nul.

Zelfvoorziening gebruikt zoveel mogelijk van je eigen energie op de site. In plaats van te optimaliseren op prijs houdt deze strategie de netto-uitwisseling met het net dicht bij nul: PV-overschot gaat in de batterij en wordt weer ontladen om het verbruik te dekken.

Hoe het werkt

Elke regelcyclus doet het algoritme dit:

  • Balanceren tegen het net. Het meet het vermogen op het aansluitpunt op het net en stuurt de batterij zo dat die netto-uitwisseling naar nul gaat: opladen bij injectie (PV-overschot), ontladen bij afname (verbruik dat de PV niet dekt).
  • Werken met een dode zone. Kleine schommelingen op het net binnen een instelbare dode zone worden genegeerd, zodat de batterij niet achter elke kleine verandering aanloopt.
  • Mikken op nul, tenzij er een doelwaarde is. Een doelwaarde voor het netvermogen verschuift het setpoint waarnaar gebalanceerd wordt, voor sites waar een extern toestel de productie afregelt om injectie te vermijden.
  • PV op vol vermogen laten draaien, behalve wanneer de injectieprijs negatief is: dan worden regelbare PV-omvormers afgeregeld zodat de productie niet meer bedraagt dan wat lokaal verbruikt en opgeslagen wordt, zodat je niet moet betalen om te injecteren.
  • Stuurt ook EV-laden aan, als onderdeel van dezelfde beslissing. Andere regelbare verbruikers worden in deze modus niet actief aangestuurd.
flowchart TD
    M["Meet het netvermogen op het aansluitpunt"] --> Q{"Netto-uitwisseling"}
    Q -->|"injectie"| C["Batterij laadt met het PV-overschot"]
    Q -->|"afname"| D["Batterij ontlaadt om het tekort te dekken"]
    Q -->|"binnen de dode zone"| I["Batterij blijft stil"]
Zelfvoorziening stuurt op de netto-uitwisseling: injectie laadt de batterij, afname ontlaadt haar, en binnen de dode zone gebeurt niets.

Anders dan kostoptimalisatie maakt zelfvoorziening geen vooruitkijkend plan op basis van prijzen. Ze balanceert de installatie in real time tegen het gemeten netvermogen.

Voorbeeld: de PV levert 3 kW en de site verbruikt 1 kW. Het overschot van 2 kW gaat naar de batterij, en het netvermogen blijft op 0 kW. Verbruikt de site 4 kW terwijl de PV 1 kW levert, dan ontlaadt de batterij 3 kW om het tekort te dekken.

Is er een peak shaving-reserve ingesteld, dan houdt zelfvoorziening dat deel van de batterij achter de hand om de netafname onder haar grens te houden, in plaats van het te gebruiken om naar nul te balanceren.

De windproductie op de site telt net als PV mee voor zelfvoorziening: de gemeten opbrengst helpt het verbruik te dekken en de batterij te laden. Het algoritme regelt de turbine niet af, het balanceert rond de wind die het meet.

Verhouding tot een extern signaal

Net als kostoptimalisatie is zelfvoorziening een lokale strategie. Stuurt een partner via een extern signaal de batterij actief aan, dan heeft die partner voorrang; zelfvoorziening draait wanneer er geen extern signaal actief is.

Zie ook

  • Kostoptimalisatie: de prijsgestuurde strategie, met een vooruitkijkend plan.
  • Batterijplanning: de zelfconsumptie-opties die je bij het handmatig plannen van kwartieren kunt kiezen.