Toestelintegraties
Alfen
De Alfen-laadpaal instellen voor koppeling met de Voltmasters-controller
Deze handleiding loodst je door de instellingen van de Alfen-laadpaal, zodat de Voltmasters-controller ermee kan praten en hem kan aansturen. Voor meer diepgang verwijzen we naar de Alfen Smart Charging Implementation Guide.
Configuratie
- Plaats de laadpaal.
- Werk de Alfen-laadpaal bij naar firmwareversie 4.2.0 of hoger.
- Hang de Alfen-laadpaal aan een netwerk dat aan het volgende voldoet:
a. De laadpaal zit op hetzelfde lokale netwerk als de Voltmasters-controller.
b. Zorg dat de communicatie tussen de laadpaal en de Voltmasters-controller openstaat. - Installeer de ACE Service Installer, of zoek online naar de laatste versie ervan als de link niet meer werkt. Installatielink
- Voor de laadpaal aangestuurd kan worden, moet de smart charging-functionaliteit eerst aangekocht en uitgerold zijn.
- Ontgrendel de functionaliteit via de ACE Service Installer. Meld je aan met je eigen Alfen-serviceaccount; heb je er nog geen, vraag het dan aan je contactpersoon bij Alfen.
Heeft de site een zwakke internetverbinding, dan kan je de gewenste functionaliteit ook op deze manier ontgrendelen:
- Open de ACE Service Installer.
- Ga in het menu naar Device.
- Kies Install feature(s).
- Geef de licentiesleutel in en klik op OK. De laadpaal herstart nadat de licentiesleutel bijgewerkt is.

Active Load Balancing instellen via de ACE Service Installer
- Kies de laadpaal.
- Kies het tabblad Smart Charging.

- Vink Active Load Balancing aan. De volgende parameters verschijnen dan.
- Data type: kies Energy Management System als gegevensbron. De Voltmasters EMS geeft de dynamische minimum- en maximumwaarden aan de laadpaal door, en de laadpaal verhoogt of verlaagt het vermogen van de socket in overeenstemming daarmee. Ga voor je verdergaat na of het volgende in orde is:
- De ALB-functie op de laadpaal moet ontgrendeld zijn.
- De communicatiekabel moet een UTP- of ethernetkabel CAT5e of CAT6 met RJ45 zijn, maximaal 100 m lang.
- De Voltmasters EMS moet Modbus ondersteunen; in deze opstelling neemt de Voltmasters EMS de rol van Modbus-"master" op, terwijl de laadpaal "slave" is.
- De laadpaal moet in hetzelfde lokale netwerk (LAN) zitten als de Voltmasters EMS:
- Er mag geen power over ethernet zijn.
- De Voltmasters EMS moet het IP-adres van de laadpaal via het mDNS-protocol kunnen vinden, of de laadpaal moet op een vast IP-adres staan.
- Het IP-adres moet aan het IPv4-protocol voldoen. IPv6-adressen ondersteunt de laadpaal niet.
- Je moet aan de LAN-instellingen kunnen om de energiemeter en de laadpaal in te stellen (IPv4-adres, subnetmasker, standaardgateway).
- Er moet een open internetverbinding zijn; de Alfen-server moet bereikbaar zijn om updates en licentiesleutels te ontvangen.
- Modbus-berichten:
- De Modbus-master moet verbinden met het IP van de bekabelde ethernetverbinding van de Modbus-slave, op poort 502.
- Aanvragen met bepaalde slave-adressen moeten aanvaard worden: Modbus-registers die bij de laadpaal horen vragen slave-adres 200, en registers die bij een socket horen slave-adres 1 of 2, afhankelijk van de socket.
- Er geldt een geldigheidstijd van 60 seconden, instelbaar, voor de laadpaal terugvalt op de veilige stroom. De Voltmasters EMS moet het setpoint voor de socketstroom of de SCN-totaalstroom binnen die geldigheidstijd verversen, anders vallen de laadpalen terug op de ingestelde veilige stroom.
- De Voltmasters EMS moet de laadpaal koppelen. Gebruik het document Implementation of Modbus Slave TCP/IP for Alfen NG9xx platform voor de registers die van toepassing zijn.
- Zodra Energy Management System als gegevensbron gekozen is, verschijnt er een extra pagina. Dubbelklik om ze te openen en kies TCP/IP EMS in het menu.
- Vul de Mode in. Kies of de Voltmasters EMS elke socket apart beheert of een volledig Smart Charging Network.
- Vul de validity time in (standaard 60 s). Krijgt de laadpaal binnen die geldigheidstijd niets van de Voltmasters EMS, dan leest hij dat als een verbroken verbinding en valt hij terug op de ingestelde veilige stroom.
Active Load Balancing nakijken met de Voltmasters EMS
- Kies het tabblad Live monitoring, kies States en kijk naar de Modbus Connection State.
Staat die op Not in use (communication idle), dan is de communicatie weg. Kijk je installatie na of raadpleeg de sectie over probleemoplossing. - Hang een voertuig aan en start een laadsessie.
- Wijzig met de Voltmasters EMS het maximaal beschikbare vermogen. Hoe dat gaat, staat in de Voltmasters-handleiding.
- Kies het tabblad Live monitoring, kies Currents en kijk naar de stromen die getrokken worden.
Let op: de stappen hierboven beschrijven het instellen via de ACE Service Installer. De MyEve-app biedt dezelfde opties onder Advanced > Smart Charging > Active Load Balancing, waar je Energy Management System als Data source kiest en de Mode en de validity time op dezelfde manier instelt.