Naar de inhoud

Schneider EVlink Pro AC

Ondersteunde toestellen: Schneider EVlink Pro AC

Ons EMS ondersteunt de Schneider EVlink Pro AC-laadpaal over Modbus TCP, zodat het laadvermogen samen met de rest van de site aangestuurd wordt in plaats van op zichzelf te draaien.

Ondersteunde toestellen

Model Type stroom Connectoren
EVlink Pro AC AC 1

De integratie praat over Modbus TCP (standaardpoort 502, standaard unit-ID 1).

Wat het EMS kan

  • Het laadvermogen aansturen: de laadstroom wordt per connector aangestuurd, zodat het laden het beschikbare vermogen op de netaansluiting volgt in plaats van een vast maximum.
  • Lastverdeling: de laadpaal doet mee in het lastbeheer van de site. Nadert een meter of submeter zijn grens, dan wordt het laden eerst teruggeschroefd, voor er regelbare lasten afgeschakeld worden.
  • De sessies opvolgen: de laadtoestand, het geleverde vermogen en de energie worden teruggelezen en op de toestelpagina en op het laadpaaldashboard getoond.
  • Fouten op een connector: meldt de laadpaal een defecte laadconnector, dan komt dat als incident naar boven, zodat een laadpunt dat weigert te laden niet onopgemerkt blijft.

Instellen

  1. Bekabeling en opstart

    Werk de elektrische installatie af en zet de laadpaal aan. Ga na of de differentieelschakelaar en de automaat die het laadpunt beschermen actief zijn.

  2. Netwerk

    Hang de laadpaal aan hetzelfde netwerk als de Voltmasters-controller en geef hem een vast IP-adres in dat subnet. Zorg dat poort 502 tussen de controller en de laadpaal bereikbaar is.

  3. Zet Modbus TCP aan

    Zet in de configuratie-interface van de laadpaal Modbus TCP aan en noteer het unit-ID en de poort. Ons EMS gebruikt standaard unit-ID 1 en poort 502.

    Herstart de laadpaal na het aanpassen van de netwerk- of Modbus-instellingen, zodat de nieuwe configuratie ingaat.

  4. Voeg het toestel toe in Voltmasters

    Voeg een nieuw toestel toe van het type Laadpaal, merk Schneider, model EVlink Pro AC, en vul het IP-adres, de poort en het unit-ID van de laadpaal in.

    Bij dit model wordt de lastverdeling per connector ingesteld.

  5. Controleer

    Start een laadsessie en kijk op de toestelpagina na of de laadtoestand en het geleverde vermogen binnenkomen, en of de laadpaal een verlaagde vermogensgrens volgt.