Naar de inhoud

RTU-verbinding

De netwerkverbinding tussen de RTU van de netbeheerder en de controller, en wat er op de site nodig is om ze op te zetten.

Een DSO RTU-verbinding steunt op een dataverbinding tussen een RTU (Remote Terminal Unit) die de netbeheerder op de site plaatst en de Voltmasters-controller. Deze pagina legt die verbinding uit, hoe de RTU fysiek aangesloten wordt, en wat er op de site klaar moet staan.

Wie wat doet

  • De RTU wordt door de netbeheerder geleverd en geplaatst. Het is materiaal van de netbeheerder en zijn eindpunt binnen zijn eigen regelinfrastructuur. De netbeheerder is verantwoordelijk voor de RTU en voor de verbinding van de RTU naar zijn controlekamer.
  • De controller is de interface aan de klantzijde. Het is het enige punt waarlangs de netbeheerder de installatie opvolgt en aanstuurt. De controller biedt een gestandaardiseerde DSO RTU-interface aan waar de RTU op verbindt.

Het DSO RTU-protocol en zijn parameters, zoals de netwerkpoort, zijn eigen aan de netbeheerder. Zie de pagina van de netbeheerder onder Netbeheerders voor de exacte details van het protocol.

De fysieke aansluiting

De RTU hangt met een netwerkkabel (ethernet) aan de controller. Aan de kant van de controller gaat die kabel in een ethernet-naar-USB-adapter:

  • De RTU van de netbeheerder heeft een ethernetpoort. Trek een netwerkkabel van de RTU naar de controller.
  • Steek die kabel in de ethernet-naar-USB-adapter op de controller. Elke USB-poort van de controller kan; de adapter wordt automatisch gevonden, welke poort je ook gebruikt.
  • Zo krijgt de controller een eigen netwerkinterface voor de DSO RTU-verbinding, los van zijn gewone internetverbinding.
RTU ──netwerkkabel──► ethernet-naar-USB-adapter ──► controller (elke USB-poort)

De aansluiting bij Fluvius

Hang de Voltmasters-controller aan de X100-poort van de Fluvius-RTU

Netwerk

  • De verbinding tussen de RTU en de controller is een lokale, eigen verbinding over de ethernet-naar-USB-adapter; ze heeft geen internet nodig.
  • De controller heeft nog altijd zijn eigen internetverbinding nodig voor het Voltmasters-platform; zie Internet en netwerk. Die verbinding staat los van de DSO RTU-verbinding.
  • Over die verbinding wisselen de RTU en de controller gegevens uit met het DSO RTU-protocol van de netbeheerder, over TCP/IP.

Wat er over de verbinding gaat

Richting Inhoud
Netbeheerder → controller Grenzen op het actief vermogen, de band en de modus voor reactief vermogen, noodstoppen, redencodes, tijdsynchronisatie, en een vraag om de volledige actuele toestand.
Controller → netbeheerder De bevestiging en terugmelding van elk commando, en periodieke metingen per assetcategorie.

Wat elk daarvan functioneel betekent, staat in Hoe DSO RTU werkt. De exacte datapunten staan op de pagina van de netbeheerder.

De verbinding opvolgen

De controller volgt de DSO RTU-verbinding voortdurend op. Staat DSO RTU aan maar is er geen actieve verbinding van de RTU, dan meldt de controller een incident, zodat de situatie op het platform zichtbaar is. Doorgaans betekent dat dat de RTU de controller niet kan bereiken, door de bekabeling of de adapter, of dat de RTU nog niet actief is.

Zie Incidentbeheer voor hoe incidenten naar boven komen en opgevolgd worden.

Checklist om klaar te staan

Ga voor de indienstname van de RTU-verbinding na of:

  • [ ] De netbeheerder de plaatsing van de RTU ingepland heeft.
  • [ ] Er een netwerkkabel van de RTU naar de controller loopt.
  • [ ] Er een ethernet-naar-USB-adapter aan de controller hangt.
  • [ ] De contractuele netgrenzen (max. injectie en afname) gekend zijn en in het project ingesteld staan.

Voltmasters valideert de volledige verbinding tijdens de indienstname.