# Indienstname en certificatie

> Hoe Voltmasters de DSO RTU-verbinding bij de indienstname valideert, hoe de certificatie van de netbeheerder verloopt, en hoe je elke waarde die de netbeheerder stuurt tijdens de test op het DSO RTU-dashboard volgt.

Source: https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/commissioning-and-certification/

Een DSO RTU-installatie is pas af zodra de verbinding **gevalideerd** en **gecertificeerd** is. Voltmasters valideert de werking bij de indienstname en helpt op afstand tijdens de officiële keuring van de netbeheerder, de *certificatie* of conformiteitstest. Deze pagina beschrijft beide, en hoe je de test op het platform volgt.

### Wat Voltmasters bij de indienstname valideert

Bij het in dienst nemen kijkt Voltmasters de hele keten na, en niet enkel of de verbinding staat:

-   **De RTU-verbinding**: de RTU van de netbeheerder bereikt de controller en de verbinding is stabiel. Zie [RTU-verbinding](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/rtu-connection/).
-   **De gegevensuitwisseling**: elk commando en elk meetpunt is aanwezig en juist toegewezen.
-   **De grenzen op het actief vermogen**: de injectie en de afname worden echt tot de opgelegde waarden afgetopt, op het aansluitpunt en per assetgroep.
-   **De regeling van het reactief vermogen**: de Q-modi lokaal en op afstand en de Q-band gedragen zich zoals voorgeschreven.
-   **De noodstoppen**: zowel de stop in **software** als, waar die geplaatst is, de stop in **hardware** via de [IO-module](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/io-module/emergency-stop/).
-   **De terugmelding en de metingen**: het EMS spiegelt de juiste toestand en rapporteert de juiste meetkanalen.

De validatie gebeurt tegen echte metingen: we bevestigen dat de injectie en de afname van de installatie elk commando volgen, en niet enkel dat het commando aangekomen is.

### Zet de configuratie klaar

De meeste certificaties die mislukken, mislukken op de configuratie en niet op het gedrag: een referentievermogen dat niet met het register van de netbeheerder klopt, een PV die in een kanaal gerapporteerd wordt waar hij niet geregistreerd staat, een noodstop zonder fysiek relais. Loop de configuratiepagina van de netbeheerder door voor de testdatum. Bij Fluvius is dat [Fluvius telecontrole instellen](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/grid-operators/fluvius/configuration/), dat op een checklist eindigt.

Voor de certificatie kan doorgaan, ga je na of:

-   \[ \] De RTU geplaatst is en de [netwerkverbinding](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/rtu-connection/) met de controller er ligt.
-   \[ \] De configuratie klopt met de documenten van de netbeheerder: het studiedocument, het zonefiche, het eendraadschema en de waarden uit het register.
-   \[ \] Alle assets die de netbeheerder mag aansturen toegevoegd, nagekeken en in het EMS aanstuurbaar zijn.
-   \[ \] De noodstop in hardware geplaatst, gedraad en ingesteld is, met de watchdog en de veilige toestand van de IO-module gezet.
-   \[ \] Er een datum voor de certificatie met de netbeheerder afgesproken is en met Voltmasters gedeeld, zodat de hulp op afstand ingepland kan worden.

### Hoe de certificatie verloopt

De netbeheerder doet de certificatie op de site, met zijn eigen RTU en zijn testbank. Bij Fluvius werkt de keurder een vaste reeks af, elke stap met de redencode **test** (`99`):

1.  **Communicatie**: de verbinding staat, de algemene uitvraag geeft elk datapunt terug, en de alarmen komen in de SCADA van de netbeheerder aan.
2.  **Noodstoppen**: de stop voor de afname en de stop voor de productie, inclusief de terugmelding van de meetkanalen terwijl de stop actief is.
3.  **Setpoints op het aansluitpunt** (`MAXSETP`, `MINSETP`): de afname of de injectie van de site moet het percentage op de netmeter volgen.
4.  **Assetsetpoints** (`MAXSETAP`, `MINSETAP`), wanneer er technische flex geldt: de geregistreerde assets moeten als groep het percentage op het virtuele assetkoppelpunt volgen.
5.  **Reactief vermogen** (`MINSETQ`, `MAXSETQ`): de gemeten Q op het aansluitpunt moet in de band komen.

Commando's met de reden test worden precies zoals gewone commando's behandeld; die reden markeert ze enkel als deel van de keuring. Voltmasters volgt de test op afstand, kijkt naar dezelfde waarden als de keurder, en lost problemen waar het kan meteen op.

### De waarden volgen op het DSO RTU-dashboard

Elk commando dat de RTU stuurt, komt binnen enkele seconden op de pagina **DSO RTU** van het project (**Monitoring → DSO RTU**). Hou die pagina tijdens een test open naast de bank van de keurder.

![Voltmasters EMS: het DSO RTU-dashboard met de statusbanner, de noodstoptoestanden en de actieve setpoints](https://voltmasters.io/assets/docs/dso-rtu-dashboard.webp)

*De live momentopname: de banner zegt of de RTU de site beperkt, en de tabel somt elk geldend setpoint op.*

**De momentopname bovenaan** toont de toestand zoals de controller ze het laatst meldde:

-   De **banner** wordt oranje wanneer een setpoint onder 100 % ligt of de reden niet normaal is, rood wanneer er een noodstop actief is, en groen wanneer niets de site beperkt. Het tijdstip erbij zegt hoe vers de momentopname is.
-   **Status & modus** toont de Q-regelmodus en beide noodstoptoestanden. Tijdens de test van de noodstop moet het bijhorende vakje **Actief** aangeven zolang de keurder de stop aanhoudt, en weer op **Inactief** gaan zodra hij ze lost.
-   **Actieve setpoints** somt elk geldend percentage op, met de redencodes. 100 % betekent geen beperking. Tijdens de test staat de reden op **Test**.

**De RTU-historiek** eronder somt elke wijziging op die de RTU stuurde, met een heartbeatrij op een vast interval zolang er niets verandert. Zet de filter op **Enkel wijzigingen** om alleen de commando's van de keurder te zien, of op **Enkel beperkingen** om te zien wanneer de site beperkt was. De periode staat standaard op de laatste zeven dagen en kan maximaal 31 dagen beslaan. Per rij zie je de noodstoptoestand, de geldende maximale productie en afname, eventuele setpoints per type, en de Q-modus.

Lees die twee samen: de historiek zegt *wat* er toekwam en *wanneer*, de momentopname zegt wat er *nu* geldt.

![Voltmasters EMS: de RTU-historiek gefilterd op enkel wijzigingen, met de assetsetpoints die een keurder tijdens een Fluvius-certificatie stuurde](https://voltmasters.io/assets/docs/dso-rtu-certification-history.webp)

*De RTU-historiek van een Fluvius-certificatie, gefilterd op enkel wijzigingen: de keurder stuurt MAXSETAP 7 % en 0 %, laat die los, en dan MINSETAP 33 % en 0 %. Elke rij is één commando zoals het toekwam.*

#### Wat je per teststap nakijkt

| Stap | Wat het dashboard moet tonen | Wat de installatie moet doen |
| --- | --- | --- |
| Noodstop | Het vakje van de stop op **Actief**, een rode banner, en een rij in de historiek met de stop | De batterij naar 0 kW en, bij de productiestop, de PV binnen enkele seconden naar 0 kW; de relaisuitgang opent de koppeling. Zodra de stop gelost wordt, hervatten de assets. |
| `MAXSETP`, `MINSETP` | Het percentage onder **Max. netafname (NKP)** of **Max. netinjectie (NKP)** | De netmeter komt op of onder het percentage van het contractuele toegangsvermogen uit. Reken de verwachte kW voor de stap uit: het percentage maal het toegangsvermogen onder Netinstellingen. |
| `MAXSETAP`, `MINSETAP` | Het percentage onder **Max. installatieafname** of **Max. installatieproductie** | De geregistreerde assets blijven samen op of onder het percentage van het referentievermogen. PV in de groep compenseert het laden van de batterij; PV buiten de groep speelt geen rol. Zie de [checklist bij de assetsetpoints](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/grid-operators/fluvius/asset-setpoints/#checklist-tijdens-een-certificatie). |
| `MINSETQ`, `MAXSETQ` | De Q-modus **Op afstand (Q-band)** en de band onder **Min. en Max. reactief vermogen (Q)** | De gemeten Q op het aansluitpunt komt in de band; het EMS legt enkel het verschil op, niet de rand van de band. |

> **Opmerking**
>
> Het dashboard toont percentages; de keurder spreekt in kilowatt. Reken de verwachte kilowatt voor elke stap uit vanaf de basis van dat setpoint: de toegangsvermogens voor de setpoints op het aansluitpunt, de referentievermogens voor de assetsetpoints. [Hoe de RTU-setpoints verwerkt worden](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/grid-operators/fluvius/setpoint-processing/) bevat de formule en een uitgewerkt voorbeeld per regel.

#### Wanneer de cijfers niet kloppen

-   **Er komt niets op het dashboard**: de RTU hangt niet aan de controller, of de controller heeft nog niets gemeld. Kijk de incidenten na op *telecontrole niet bereikbaar* en bekijk de [RTU-verbinding](https://voltmasters.io/nl/docs/dso-rtu/rtu-connection/).
-   **Het percentage komt aan maar de installatie beweegt niet**: de asset staat onbeheerd, of zijn integratie aanvaardt het setpoint niet. De controller waarschuwt voor een geregistreerde asset die hij niet kan aansturen.
-   **De installatie beweegt, maar naar een andere waarde dan de keurder verwacht**: de twee kanten rekenen met een andere basis. Vergelijk de referentievermogens en de toegangsvermogens met de cijfers van de keurder, en kijk na welke toestellen de keurder op het virtuele assetkoppelpunt meerekent.
-   **De exacte kilowatt per regel**: de debugger van de controller toont onder *TelecontrolConstraintController* elk percentage met zijn referentievermogen en de kilowatt die eruit volgt, en bij de Q-band het gemeten en het opgelegde reactieve vermogen. Voltmasters leest dat tijdens de test mee.

### Na de certificatie

Zodra de netbeheerder de certificatie goedkeurt, is de installatie vrijgegeven voor de normale werking met DSO RTU. Vanaf dan:

-   Loopt DSO RTU voortdurend en zelfstandig.
-   Worden de verbinding en de naleving door de installatie **opgevolgd**; een verbinding die wegvalt of een commando dat niet uitgevoerd kan worden, komt als [incident](https://voltmasters.io/nl/docs/voltmasters-platform/incident-management/) naar boven.
-   Moeten wijzigingen aan de configuratie (grenzen, assets die erbij komen of weggaan, de bekabeling van de noodstop) opnieuw gevalideerd worden en, als de netbeheerder dat vraagt, opnieuw gecertificeerd. Fluvius wil op de hoogte gebracht worden van elke wijziging aan de installatie.
